Dit zijn de mogelijkheden:
  • Consult (incl. 2 telefonische nagesprekken)
Klik hier voor de adresgegevens
    • kosten: 60 euro per uur.
Een consult vindt in de meeste gevallen plaats bij u thuis. Hiervoor reken ik een aanvullende kilometervergoeding vanaf Schagen.

Vooral als het allemaal nog niet zo lekker gaat wordt het door de meeste moeders als heel prettig ervaren om niet de deur uit te hoeven. De informatie over het aanleggen kan ik dan afstemmen op uw voedingshouding in uw eigen stoel, bank of bed. Indien gewenst kunt u bij een eventueel vervolg consult een afspraak maken op mijn praktijkadres.
  • Telefonisch consult
Indien u binnen een week na een telefonisch consult besluit om ook een consult (aan huis) te nemen vervallen de kosten van het telefonisch consult.
    • kosten: 15,00 euro per gesprek.
De meeste zorgverzekeraars vergoeden de lactatiekundige zorg geheel of gedeeltelijk vanuit de aanvullende verzekering. Voorwaarde is meestal wel dat de lactatiekundige IBCLC aangesloten moet zijn bij de NVL.
Informeer bij uw verzekeraar.


Wat u kunt verwachten van een consult:

In mijn praktijk help ik moeders als de borstvoeding niet zo lekker loopt, soms is dit al vanaf het begin, maar vaak word ik gebeld als de kraamverzorgende niet meer in het gezin aanwezig is. Veel moeders zijn bij voorbaat al bang dat zij niet genoeg voeding zullen hebben voor hun baby en dat er niet genoeg voedingswaarde in haar borstvoeding zal zitten. De eerste dagen met intensieve begeleiding van de kraamverzorgende gaat het vaak wel goed maar daarna missen die moeders dan vaak dat extra steuntje. Ik kan ze dan geruststellen.

Tijdens een consult van meestal anderhalf uur observeer ik de borstvoeding en geef aanwijzingen en tips waardoor de moeder weer gemotiveerd raakt om door te gaan. Afhankelijk van de situatie begeleid ik de moeder intensief door dagelijks telefonisch contact op te nemen en /of een vervolg consult afspraak te maken. De telefonische nazorg zit bij de prijs van een consult inbegrepen.

De basis van een goede borstvoedingsrelatie is het vroeg op gang brengen van de borstvoeding. Enige kennis van de werking van de borst en de zuigtechniek van de baby kan de moeder soms helpen. Ook uitleg over hoe zij haar baby in verschillende houdingen kan aanleggen en hoe voeden op verzoek werkt is voor haar belangrijk om te weten. Tijdens de consulten geef ik hierover informatie. Ouders krijgen zo een realistisch beeld en zullen eerder aan de bel trekken wanneer het allemaal niet zo lekker loopt.

Borstvoeding geven heeft veel voordelen. Het belangrijkste verschil met kunstvoeding is dat er in borstvoeding antistoffen zitten die de baby beschermt tegen verschillende ziekten. De Wereld Gezondheid Organisatie (WHO) adviseert om de eerste zes maanden volledig borstvoeding te geven en daarna tot twee jaar gecombineerd met vaste voeding. Zolang moeder en kind er plezier aan beleven kun je dus de eerste jaren gewoon borstvoeding blijven geven.

De ouders realiseren zich vaak niet van te voren dat het aanleggen van de baby soms enige oefening vergt. Ook als de bevalling anders is gelopen dan verwacht valt het allemaal erg tegen. Borstvoeding geven moest zo leuk zijn, maar dit zijn meestal verhalen van moeders die langer dan 14 dagen borstvoeding gaven. De eerste tijd van oefenen en mogelijk pijnlijke tepels zijn ze dan vaak weer vergeten.

Kennis over borstvoeding vergroot je zelfvertrouwen. Ook steun krijgen uit je omgeving van partner en familie en een positieve houding van de hulpverlener kan hieraan bijdragen.

De Peiling Melkvoeding 2015 van TNO toont aan dat steeds meer vrouwen langer borstvoeding geven. Het percentage moeders dat na 6 maanden borstvoeding geeft is zelfs meer dan verdubbeld ten opzichte van 2010. In 2015 is voor het eerst een duidelijke stijging te zien: 39% van de moeders geeft na 6 maanden borstvoeding. In 2010 was dat slechts 18% en in de jaren daarvoor nog minder. Het percentage moeders dat start met het geven van borstvoeding ligt in al die jaren steeds rond de 80%. In de eerste twee weken na de geboorte is de grootste daling van het aantal moeders dat borstvoeding geeft zichtbaar. (bron